Training

Trainingsopbouw

De Cesky Fousek is een breed inzetbare hond en ik ben van mening dat ik er ook zo mee moet werken. Dat betekent dat ik alle aspecten van het hondenwerk probeer mee te nemen: veldwerk, apporteren, zweetwerk.

Ik doe mee aan KNJV-proeven, MAP’s, veldwerkwedstrijden, zweetspoorproeven, Duitse jachtproeven, meerdaagse wedstrijden in Tsjechië en ga zo maar door, zoals de Grote prijs Jan Coldewey (vijfkamp voor continentale staande jachthonden).

Wat ik daarbij zie is dat de Cesky Fousek overal voor geschikt is, het zit er van nature allemaal in. Voorwaarde is wel dat de opleiding en begeleiding goed moet zijn. Dat betekent dat ik al vroeg begin met mijn jonge honden, dat ik ze in het begin al met heel veel kennis laat maken maar vooral dat ik ze veel vrijheid geef en er voor zorg dat het altijd leuk en afwisselend is. Al in het nest laat ik ze kennis maken met wild en kijk ik hoe de neus is. Daarnaast neem ik ze van jongs af aan mee de singeltjes en houtwalletjes langs, neem ik ze mee het veld in, laat ze kennis maken met wild en verschillende situaties. Ik voed ze als het ware constant met nieuwe dingen.

Dan komt zo geleidelijk aan de gehoorzaamheid erbij en begin ik met een schema waarbij ik probeer ze te leren schakelen tussen de verschillende disciplines. Doel is dat ze weten wat ze wanneer moeten doen; ze moeten begrijpen dat er verschil is tussen de verschillende disciplines en ze moeten leren wanneer ze welke taken moeten uitvoeren. En ondertussen neem ik ze al voorzichtig mee op jacht. Meestal jachten waar ik alleen ben of hooguit met z’n tweeën, zodat de hond niet teveel in een stresssituatie komt.

Ik doe dat tot ze een jaar of 3 zijn. Dan zijn ze normaal gesproken zo stabiel dat ze voor het echte werk op kunnen. En hebben ze geleerd dat het geen zin heeft om achter een gezond stuk wild aan te gaan, maar weten ook dat op aangeschoten wild wel degelijk gewerkt moet worden.

Training en jacht moeten elkaar ondersteunen: training is noodzakelijk om een goede jachthond te krijgen, maar de ervaringen uit de jacht maakt honden weer beter op de proeven en in de wedstrijden. Wat je ziet is dat de honden die mee gaan in de praktijkjacht meer doorzettingsvermogen ontwikkelen. Honden die alleen voor wedstrijden getraind worden schieten daar nog wel eens te kort.

Belangrijk is het om altijd de goede balans te bewaren: balans tussen trainen en werken maar ook tussen zelfstandigheid en luisteren naar de voorjager.Daarbij mag je nooit uit het oog verliezen dat iedere hond anders is. Het is voor de voorjager daardoor iedere keer weer een uitdaging. Iedere hond heeft zijn eigen karakter, zijn eigen eigenaardigheden, zijn eigen kwaliteiten en iedere hond pakt dingen anders op en is op een ander moment klaar.

De basis is altijd gehoorzaamheid en appèl. Als die goed zijn, kun je daar op verder bouwen.

Daarnaast is vertrouwen onmisbaar; vertrouwen zorgt er voor dat er altijd een onzichtbaar lijntje is tussen de baas en de hond. En soort van onzichtbaar elastiek dat er ook op een afstand van 300 meter voor zorgt dat er contact is tussen beiden. Vertrouwen zorgt er voor dat je hond altijd voor jou zal willen werken en zal willen doen wat jij van hem vraagt.

Je zult moeten investeren om een fijne band met je hond op te bouwen. Investeren in termen van tijd, geduld en kilometers. Een hond trainen is soms letterlijk een kwestie van bloed, zweet en soms tranen.

Trainen van een Cesky Fousek

De Cesky Fousek staat bekend om z’n zachte karakter. Uit ervaring weet ik dat ze minder goed onder druk functioneren dan bijvoorbeeld een Duitse Staande Draadhaar. Maar dat is ook meteen de valkuil: de Cesky Fousek is slim genoeg om daar gebruik van te maken en je om de tuin te leiden. Je zult bij de Cesky Fousek echt moeten begrijpen wat het inhoudt om een ijzeren vuist in een fluwelen handschoen te gebruiken. Altijd consequent zijn en goed kunnen inschatten wat je wel en wat je niet kunt toestaan. Maar daarin mag je nooit de keuze door de hond laten maken.


Nog wat algemene trainingstips

Train altijd op succes en vergeet niet de basis te onderhouden. Een hond werkt voor succes en zal snel onzeker en ongeïnteresseerd worden als de successen achterwege blijven in de training. Daarnaast vind ik het belangrijk om regelmatig een stapje terug te doen in de training en zelfs even helemaal naar het begin terug te gaan. Je bouwt daarmee een stuk vertrouwen op bij je hond.

Weet wanneer je moet stoppen. Te lang doorgaan heeft een negatieve uitwerking en breekt af wat je daarvoor zo moeizaam hebt opgebouwd.

Houd je hond in conditie, zowel geestelijk als lichamelijk. Onze honden leven in een roedel en zijn regelmatig uitgebreid met elkaar aan het ravotten en stoeien. Dat maakt de kop vrij. En elke dag zijn ze volop in beweging.


Training

Trainingsopbouw

De Cesky Fousek is een breed inzetbare hond en ik ben van mening dat ik er ook zo mee moet werken. Dat betekent dat ik alle aspecten van het hondenwerk probeer mee te nemen: veldwerk, apporteren, zweetwerk.

Ik doe mee aan KNJV-proeven, MAP’s, veldwerkwedstrijden, zweetspoorproeven, Duitse jachtproeven, meerdaagse wedstrijden in Tsjechië en ga zo maar door, zoals de Grote prijs Jan Coldewey (vijfkamp voor continentale staande jachthonden).

Wat ik daarbij zie is dat de Cesky Fousek overal voor geschikt is, het zit er van nature allemaal in. Voorwaarde is wel dat de opleiding en begeleiding goed moet zijn. Dat betekent dat ik al vroeg begin met mijn jonge honden, dat ik ze in het begin al met heel veel kennis laat maken maar vooral dat ik ze veel vrijheid geef en er voor zorg dat het altijd leuk en afwisselend is. Al in het nest laat ik ze kennis maken met wild en kijk ik hoe de neus is. Daarnaast neem ik ze van jongs af aan mee de singeltjes en houtwalletjes langs, neem ik ze mee het veld in, laat ze kennis maken met wild en verschillende situaties. Ik voed ze als het ware constant met nieuwe dingen.

Dan komt zo geleidelijk aan de gehoorzaamheid erbij en begin ik met een schema waarbij ik probeer ze te leren schakelen tussen de verschillende disciplines. Doel is dat ze weten wat ze wanneer moeten doen; ze moeten begrijpen dat er verschil is tussen de verschillende disciplines en ze moeten leren wanneer ze welke taken moeten uitvoeren. En ondertussen neem ik ze al voorzichtig mee op jacht. Meestal jachten waar ik alleen ben of hooguit met z’n tweeën, zodat de hond niet teveel in een stresssituatie komt.

Ik doe dat tot ze een jaar of 3 zijn. Dan zijn ze normaal gesproken zo stabiel dat ze voor het echte werk op kunnen. En hebben ze geleerd dat het geen zin heeft om achter een gezond stuk wild aan te gaan, maar weten ook dat op aangeschoten wild wel degelijk gewerkt moet worden.

Training en jacht moeten elkaar ondersteunen: training is noodzakelijk om een goede jachthond te krijgen, maar de ervaringen uit de jacht maakt honden weer beter op de proeven en in de wedstrijden. Wat je ziet is dat de honden die mee gaan in de praktijkjacht meer doorzettingsvermogen ontwikkelen. Honden die alleen voor wedstrijden getraind worden schieten daar nog wel eens te kort.

Belangrijk is het om altijd de goede balans te bewaren: balans tussen trainen en werken maar ook tussen zelfstandigheid en luisteren naar de voorjager.Daarbij mag je nooit uit het oog verliezen dat iedere hond anders is. Het is voor de voorjager daardoor iedere keer weer een uitdaging. Iedere hond heeft zijn eigen karakter, zijn eigen eigenaardigheden, zijn eigen kwaliteiten en iedere hond pakt dingen anders op en is op een ander moment klaar.

De basis is altijd gehoorzaamheid en appèl. Als die goed zijn, kun je daar op verder bouwen.

Daarnaast is vertrouwen onmisbaar; vertrouwen zorgt er voor dat er altijd een onzichtbaar lijntje is tussen de baas en de hond. En soort van onzichtbaar elastiek dat er ook op een afstand van 300 meter voor zorgt dat er contact is tussen beiden. Vertrouwen zorgt er voor dat je hond altijd voor jou zal willen werken en zal willen doen wat jij van hem vraagt.

Je zult moeten investeren om een fijne band met je hond op te bouwen. Investeren in termen van tijd, geduld en kilometers. Een hond trainen is soms letterlijk een kwestie van bloed, zweet en soms tranen.

Trainen van een Cesky Fousek

De Cesky Fousek staat bekend om z’n zachte karakter. Uit ervaring weet ik dat ze minder goed onder druk functioneren dan bijvoorbeeld een Duitse Staande Draadhaar. Maar dat is ook meteen de valkuil: de Cesky Fousek is slim genoeg om daar gebruik van te maken en je om de tuin te leiden. Je zult bij de Cesky Fousek echt moeten begrijpen wat het inhoudt om een ijzeren vuist in een fluwelen handschoen te gebruiken. Altijd consequent zijn en goed kunnen inschatten wat je wel en wat je niet kunt toestaan. Maar daarin mag je nooit de keuze door de hond laten maken.


Nog wat algemene trainingstips

Train altijd op succes en vergeet niet de basis te onderhouden. Een hond werkt voor succes en zal snel onzeker en ongeïnteresseerd worden als de successen achterwege blijven in de training. Daarnaast vind ik het belangrijk om regelmatig een stapje terug te doen in de training en zelfs even helemaal naar het begin terug te gaan. Je bouwt daarmee een stuk vertrouwen op bij je hond.

Weet wanneer je moet stoppen. Te lang doorgaan heeft een negatieve uitwerking en breekt af wat je daarvoor zo moeizaam hebt opgebouwd.

Houd je hond in conditie, zowel geestelijk als lichamelijk. Onze honden leven in een roedel en zijn regelmatig uitgebreid met elkaar aan het ravotten en stoeien. Dat maakt de kop vrij. En elke dag zijn ze volop in beweging.